Job de Wit

«
»

flashback

Roestvrij

08.17.08 | Reageren?

Vampire

Nog 111 dagen tot sinterklaas, maar toch nog een verlate (my bad) gastflashback op de eerste helft van het jaar, met de tien favoriete cd’s van State Magazine-collega Jacco Hupkens.

1. Vampire Weekend – Vampire Weekend

Paul Simon ten tijde van Graceland, late Talking Heads en nog wat geinige mid-jarentachtiginspiratiebronnen: het had heel genant uit kunnen pakken, maar gelukkig weet deze band ook gewoon erg goede liedjes te schrijven én ze beheerst, loepzuiver maar toch spannend uit te voeren. Een uitstekende vervanger voor het uiteengevallen Dogs Die In Hot Cars.

2. Nicolay & Kay – Time:Line

Jammer genoeg nogal genegeerd in de Nederlandse pers en neergesabeld in de Amerikaanse: deze plaat bevat Nicolays stevigste beats sinds Connected en de mij tot nu toe onbekende mc Kay houdt zich heel aardig staande. En nu snel die nieuwe Foreign Exchange, Nicolay. Kom op!

3. Neon Neon – Stainless Style

Boom Bip en de Super Furry Animals hebben me beide nooit zo kunnen boeien, maar deze samenwerking levert de leukste synthpopplaat op die ik de afgelopen jaren heb gehoord. Ook die paar hiphopnummers zijn heel geslaagd, al vallen ze een beetje uit de toon.

4. Midnight Juggernauts – Dystopia

De synth-indierock van deze Australiërs komt zo nu en dan behoorlijk dicht bij de grens met bombast en pompeusheid (zie ook: Klaxons), gelukkig zijn het ook gewoon erg goede nummers.  Pasklaar om meegebruld te worden op je favoriete indie-dansavond.

5. Plants & Animals – Parc Avenue

Er zal vast een tijd komen dat ik mijn buik vol heb van Canadese bands met rijk georchestreerde indiepop (strijkers, blazers, achtergrondkoren – de hele mikmak), maar deze ontspringt de dans. Fantastisch optreden in het voorprogramma van Sunset Rubdown, al even fantastisch album.

6. The Cool Kids – The Bake Sale

De gratis mixtape That’s Stupid viel vies tegen, maar deze officiële debuut-e.p. bevat die fijne hitjes die al ruim een jaar over het internet zwerven, plus wat nieuwe. Kale, futuristische beats, ironische teksten zonder neppe poses – was maar meer hiphop zo.

7. DiskJokke – Staying in

Mijn favoriete Noor mag dit jaar naar huis met de dance-voor-mensen-die-normaal-niet-van-dance-houden-wisselbokaal: melodieuze, gevarieerde muziek die ergens tussen minimale techno en spacey disco inhangt. Nu maar hopen dat hij geen Booka Shade-ambities (“echte liedjes!”) krijgt.

8. Girl Talk – Feed the Animals

Ratatat gebruikt de eigen gitaarbeats, A-Trak verkiest het canon van Franse dance – Girl Talk heeft geen zin zich vast te leggen en vermengt simpelweg alles uit de afgelopen dertig jaar aan popmuziek met hiphopvocalen: de combi “Low” (Flo Rida) / “Sunday Morning” (The Velvet Underground) is vooralsnog mijn favoriet.

9. The Roots – Rising Down

Weinig nieuws te melden over deze lui, ze blijven gewoon maar goede albums maken. Dit keer iets meer met behulp van viezige synthesizers, en de gastvocalisten zijn talrijker. En ja, “Birthday Girl” mag je ook als underground-head leuk vinden. Echt waar.

10. Four Tet – Ringer

Kieran Hebden begon ooit met een plaat die bestond uit één track (“Thirtysixtwentyfive”) en lijkt na een periode van redelijk conventionele en welhaast radiovriendelijke albums langzaam weer de rafelranden op te zoeken: Ringer is vier nummers hypnotiserende idm zonder al te veel houvast.

Tags: ,

Plaats uw reactie

Wees aardig. Hou het schoon. Stay on topic. En geen spam natuurlijk.


«
»